Consumenten in Nederland betalen een zogeheten 'thuiskopieheffing' bij de aankoop van apparaten met interne opslag, zoals smartphones en laptops. Deze heffing is een vergoeding voor het kopiëren van auteursrechtelijk beschermd materiaal voor privégebruik.
De thuiskopieheffing is bedoeld als compensatie voor rechthebbenden, zoals auteurs, artiesten en uitgevers, voor het feit dat consumenten legaal kopieën mogen maken van hun werk voor eigen gebruik. Het idee hierachter is dat door de mogelijkheid tot kopiëren, de potentiële inkomsten van rechthebbenden dalen, omdat consumenten minder snel overgaan tot de aanschaf van bijvoorbeeld een fysieke cd of dvd als ze deze ook kunnen kopiëren van een vriend of familielid.
De hoogte van de thuiskopieheffing verschilt per apparaat en is afhankelijk van de opslagcapaciteit. De heffing wordt geïnd door Stichting de Thuiskopie en verdeeld onder verschillende organisaties die de belangen van rechthebbenden vertegenwoordigen. Het geld komt uiteindelijk terecht bij de makers van de beschermde werken. De heffing is vaak niet direct zichtbaar voor de consument als een apart bedrag op de aankoopbon, maar is verwerkt in de verkoopprijs van het apparaat. Hierdoor zijn veel consumenten zich niet bewust van het feit dat ze deze heffing betalen. De thuiskopieheffing is al jaren een onderwerp van discussie, waarbij critici vraagtekens zetten bij de hoogte en de manier waarop de gelden worden verdeeld. Voorstanders benadrukken daarentegen het belang van de heffing voor een eerlijke vergoeding van makers in het digitale tijdperk.