In een opiniestuk in het Reformatorisch Dagblad bepleit de auteur een terugkeer naar de gereformeerde belijdenisgeschriften en de traditie van de Nadere Reformatie als middel om kerkelijke eenheid te bevorderen. De auteur stelt dat de huidige belijdenis geen aanvullingen behoeft met betrekking tot de prediking.
De gereformeerde belijdenisgeschriften vormen de basis van het geloof in veel reformatorische kerken. Deze geschriften, zoals de Heidelbergse Catechismus, de Nederlandse Geloofsbelijdenis en de Dordtse Leerregels, zijn ontstaan in de 16e en 17e eeuw en leggen de kern van het gereformeerde geloof uit. De Nadere Reformatie is een stroming binnen het gereformeerd protestantisme die de persoonlijke beleving van het geloof en de praktische toepassing ervan in het dagelijks leven benadrukt.
De auteur argumenteert dat een focus op deze fundamenten kan leiden tot meer overeenstemming en minder verdeeldheid binnen de verschillende kerkelijke gemeenschappen. Door terug te keren naar de gedeelde basis van de belijdenisgeschriften en de Nadere Reformatie, kunnen kerken volgens de auteur een gemeenschappelijke identiteit en eenheid vinden. Het artikel suggereert dat discussies over de prediking, en mogelijke aanvullingen daarop, de aandacht afleiden van deze fundamentele eenheid. De auteur ziet geen noodzaak voor aanvullingen op de bestaande belijdenis met betrekking tot de prediking.