Binnen de Britse koninklijke familie heerst ontevredenheid over de manier waarop koning Charles de Andrew-zaak behandelt. Prins William zou zich ergeren aan de houding van zijn vader in deze kwestie. De kern van de onvrede ligt in de vermeende laksheid waarmee Charles omgaat met de situatie rondom zijn broer, prins Andrew.
De Andrew-zaak betreft beschuldigingen van seksueel misbruik aan het adres van prins Andrew. Deze beschuldigingen hebben de reputatie van de koninklijke familie ernstig geschaad. In het verleden is Andrew al teruggetreden uit zijn publieke functies als gevolg van de ophef rond zijn vriendschap met de veroordeelde zedendelinquent Jeffrey Epstein.
De exacte aard van de ontevredenheid van William is niet gespecificeerd in het artikel, maar de suggestie is dat hij een krachtiger of resoluter optreden van koning Charles verwacht in het adresseren van de gevolgen van de zaak voor het koningshuis. Het artikel impliceert dat Charles eerder gewaarschuwd is over de potentiele impact van de Andrew-zaak.