In het kort
Een rechter heeft geoordeeld dat minister Faber de bed-bad-broodregeling voor 16 vreemdelingen niet zomaar mocht beëindigen. De regeling, die voorziet in opvang en levensonderhoud, mag niet worden stopgezet zonder dat er een alternatieve opvang is. Dit oordeel geldt specifiek voor 16 personen die in Rotterdam verblijven.
Feiten over dit nieuwsbericht
- 1
Een rechter heeft geoordeeld over de bed-bad-broodregeling.
- 2
De regeling betreft 16 vreemdelingen.
- 3
De vreemdelingen verblijven in Rotterdam.
- 4
Minister Faber mocht de regeling niet zomaar beëindigen.
- 5
De opvang van ongedocumenteerden mag niet zomaar worden beëindigd.
Hoe de media berichten
3 artikelen · 3 invalshoekenRechter: minister mocht bed-bad-brood van 16 mensen niet stoppen
Lees meer“Benadrukt dat de rechter heeft bepaald dat minister Faber de bed-bad-broodregeling voor 16 vreemdelingen niet mocht stoppen.”
Rechter: minister had bed-bad-broodregeling van 16 mensen in Rotterdam niet mogen beëindigen
Lees meer“Stelt dat de rechter oordeelde dat de minister de bed-bad-broodregeling van 16 mensen in Rotterdam niet had mogen beëindigen.”
Niet iedereen kan naar Ter Apel: rechter zet streep door beëindiging opvang
Lees meer“Focust op de juridische uitspraak dat de minister de opvang van ongedocumenteerden niet zomaar mag beëindigen en dat dit ook geldt voor de bed-bad-broodregeling.”
Achtergrond
De uitspraak betekent dat de minister de regeling, die voorziet in bed, bad en brood, niet had mogen beëindigen. De rechter stelt hiermee een grens aan de mogelijkheden van de minister om de opvang van deze groep te stoppen.
De zaak betreft een groep van 16 vreemdelingen die in Rotterdam verblijven en gebruik maken van de bed-bad-broodregeling. De minister had besloten deze regeling te beëindigen, wat nu door de rechter is teruggedraaid.