Op het Rotterdamse stadhuis vond een iftar plaats, een maaltijd die tijdens de ramadan na zonsondergang wordt gegeten. De bijeenkomst trok zowel kritiek als steun.
De iftar is een belangrijk onderdeel van de ramadan, de vastenmaand voor moslims. Tijdens de ramadan wordt er van zonsopgang tot zonsondergang niet gegeten, gedronken of gerookt. De iftar markeert het einde van de dagelijkse vasten. Het is een tijd van bezinning, gemeenschap en solidariteit.
De iftar op het Rotterdamse stadhuis was bedoeld als een ontmoeting tussen verschillende gemeenschappen in de stad. Het doel was om begrip en verbinding te bevorderen. De organisatie benadrukte het belang van dialoog en ontmoeting, vooral in een diverse stad als Rotterdam.
De kritiek op de iftar richtte zich voornamelijk op het feit dat de gemeente een religieus evenement faciliteerde. Sommige critici vonden dat de gemeente neutraal moet zijn en geen religieuze voorkeur mag tonen. Anderen waren van mening dat de iftar een uiting was van islamisering. Voorstanders van de iftar benadrukten juist het belang van inclusie en diversiteit. Zij zagen de iftar als een mogelijkheid om verschillende culturen en religies met elkaar in contact te brengen. Ze wezen erop dat het stadhuis vaker wordt gebruikt voor bijeenkomsten van verschillende groepen en dat de iftar in die context past. De voorstanders benadrukten dat de iftar een gelegenheid bood voor ontmoeting en dialoog, wat essentieel is voor een diverse en inclusieve samenleving.