Een Amerikaanse rechtbank heeft de eerder opgelegde boete aan milieuorganisatie Greenpeace gehalveerd. De oorspronkelijke boete van 690 miljoen dollar is teruggebracht naar 345 miljoen dollar. De boete is gerelateerd aan protesten tegen de aanleg van een oliepijpleiding in de Verenigde Staten.
De zaak draait om schade die is ontstaan door protestacties van Greenpeace tegen de bouw van een oliepijpleiding. Het exacte type pijpleiding en de locatie zijn in het artikel niet gespecificeerd. Na de protesten werd Greenpeace aangeklaagd voor de geleden schade. De rechtbank oordeelde aanvankelijk dat Greenpeace verantwoordelijk was en legde een boete van 690 miljoen dollar op.
Na de uitspraak volgden protesten tegen de hoogte van de boete. Critici vonden de boete disproportioneel hoog en vreesden dat deze een precedent zou scheppen, waardoor milieuorganisaties in de toekomst zouden worden ontmoedigd om actie te voeren. De halvering van de boete kan worden gezien als een tegemoetkoming aan deze kritiek. De details over de juridische argumenten die hebben geleid tot de halvering van de boete worden in het artikel niet genoemd. Het is evenmin duidelijk of Greenpeace de beslissing accepteert of verdere juridische stappen overweegt.